Home
Kennis en Economie
   archief april 2006
archief januari 2006
archief december 2005
archief november 2005
archief september 2005
archief augustus 2005
archief juli 2005
archief juni 2005
archief mei 2005
archief april 2005
archief maart 2005
archief februari 2005
archief januari 2005
2004
Recht en Veiligheid
Europa
Jihad vs McWorld
E-government
Nieuwe democratie
Columns
Politici
Overzicht thema`s
Verkiezingen
Tools
Het Belgenrapport
Nieuwsbrief
Colofon
Poldi.Net




Kenniseconomie of innovatiemonopoly
Arjan Widlak Gepost:     vrijdag, 20 februari 2004, 15:00
Van:     < Arjan Widlak - Hoofdredacteur Politiek-digitaal >
URL:     < http://www.politiek-digitaal.nl/colofon/redactie >

Intellectueel eigendom is ingewikkelde materie. Het is veel makkelijker om te praten over subsidieregelingen en stimulerende overlegorganen. Toch heeft het een veel grotere invloed op de economie, de innovatie en de internationale handel, omdat eigendom aan de basis van ons economisch systeem staat. Een korte inventarisatie van de politieke en economische impact.

Met het ontstaan van technische mogelijkheden ontstaan economische belangen en doorgaans ook nieuwe vormen van eigendom. Auteursrecht heeft weinig zin zonder boekdrukkunst. Andersom sturen eigendomsrechten - en de wijze van verkrijgen - de individuele belangenafweging.

Mooie doelen
Octrooi moet de innovatie stimuleren. Investeren in innovatie doet een bedrijf alleen wanneer deze investering ook te gelde gemaakt kan worden. Zonder overheidsbescherming is geheimhouding eigenlijk de enige optie die voor bedrijven open staat. Een octrooi ruilt openbaarmaking voor bescherming. Het bedrijf krijgt een tijdelijk monopoly zodat het de investeringen kan terugverdienen, de samenleving krijgt openheid van zaken, zodat voortgebouwd kan worden op de vinding. Omdat innovatie wordt verondersteld de economie te stimuleren, stimuleert octrooi volgens deze redenering ook de economie en zelfs met de maatschappelijke winst van openbaring van de uitvinding.

De handelsoorlog van straks
Internationaal kan octrooi ook dienen als een protectionistische maatregel. Het verlenen van octrooien kan een nationale industrie de mogelijkheid geven snel te groeien, omdat de bedrijven in de thuismarkt dan weinig concurrentie ondervinden. Internationaal kunnen ze de concurrentie dan beter aan, zo is de gedachte. Voor de Verenigde Staten was de concurrentie met Japan een belangrijke reden om de eigen octrooiwetgeving aan te scherpen. Geeft Europa de eigen software-industrie internationaal wel voldoende kans zonder vergaand octrooirecht, zo luidt de vraag in Brussel.

Auteursrecht vestigen
Software wordt primair beschermd door het auteursrecht. Het is echter lastig te bewijzen dat je ook daadwerkelijk de eerste was die de software schreef. Daarom worden octrooi-aanvragen ook gebruikt om auteursrecht te vestigen. De procedure wordt dan niet afgemaakt, want de aanvraag alleen is veel goedkoper. Dat maakt aanvragen ook interessant als indicator voor innovatie naast verleende octrooien.

Meetinstrument
Octrooi is ook een meetinstrument. Innovatie is lastig te meten, maar octrooi-aanvragen worden goed geregistreerd. De belangrijkste indicator voor 'hoe innovatief we zijn' is het aantal octrooi-aanvragen. Enerzijds zou je kunnen denken dat het idioot is om het aantal aanvragen te nemen in plaats van het aantal toekenningen. Het aantal audities voor Idols zien we immers ook niet als indicator voor het muzikaal talent van de Nederlander. Omdat octrooi-aanvragen ook gebruikt worden om innovatie met auteursrecht te beschermen, is dit anderzijds toch begrijpelijk.

Strategisch gebruik
Octrooien worden door individuele bedrijven gebruikt voor verschillende doeleinden. Een daarvan is concurrentieblokkering. Een beroemd voorbeeld is Barnes & Noble, een Amerikaans bedrijf dat een online verkoop systeem gebruikte dat gebaseerd was op reeds jarenlang gebruikte technologie. Bij een patent - het Engelse woord voor octrooi - gaat het er echter niet om of je het zelf hebt bedacht, maar om de vraag of je het als eerste patenteert. Het bedrijf Amazon was hier de eerste en dwong Barnes en Noble haar systeem te herzien. Overigens had in dit voorbeeld ook geen van beide bedrijven het octrooi nodig als stimulans om de technische innovatie te doen.

Een ander doel is ruil. Wanneer je een licentie van een ander nodig hebt, is het handig om ook zelf een patent te hebben op hetzelfde terrein. Zeker wanneer de concurrent je eigenlijk geen licentie wil geven.

Bedreiging voor Open Source
Voor het open source deel van de software productie is het octrooi zeker geen stimulans. Een octrooiprocedure doorlopen kost veel geld, zo'n 20.000 euro, ook als de kosten verlaagd worden. Kosten die door een individu niet gedragen kunnen worden en door een bedrijf niet terugverdiend kunnen worden wanneer het er open source software van maakt. Het is ook wat veel gevraagd om geld te moeten betalen om een eigen product weg te mogen geven. Daarnaast is er voor open source ontwikkelaars het risico inbreuk te maken op een octrooi. Het is, zeker gezien de lage kwaliteit van de octrooien, niet ondenkbaar dat een individu per ongeluk inbreuk maakt op een octrooi.

Van deze tijd
Octrooi kan de innovatie stimuleren, maar is het nog wel van deze tijd? Een periode van 20 jaar is ingesteld toen er grote financiŽle inspanningen nodig waren en tijd om de vinding klaar te maken voor exploitatie. Zo werkt de softwarewereld niet. Je hoeft nu geen machines te ontwikkelen om je vinding in massaproductie te kunnen nemen. En je hoeft geen fabriek te bouwen. Dat betekent niet dat er geen ontwikkelingskosten zijn, maar de reproductiekosten zijn vrijwel nul. En dat scheelt, ook in tijd.

Een monopoly is economisch niet wenselijk. Je verleent uitsluitend een monopoly, met alle bijbehorende nadelen, wanneer het echt nodig is om bedrijven te verleiden tot het doen van investeringen in innovatie. Is dat zo? Of zijn er reeds andere krachten die bedrijven aanzetten tot investeren in ontwikkeling? Heel vaak wel, en gezien de grote nadelen van een monopoly is het zaak om eerst aan te tonen waar dit niet het geval is.

Het gebruik van octrooi-aanvragen als meetinstrument neemt de stimulerende werking van octrooi als gegeven en het oneigenlijk gebruik van octrooi als uitwas. Echter, de uitwassen worden vervolgens gemeten als positief effect. Meten is hier geen weten, maar doelverplaatsing. We lezen in de innovatiebrief van het kabinet dat het aanvragen van octrooien gestimuleerd moeten worden. Uiteraard, want zo meten we dat het beleid succesvol is.

Conclusie
Het belang van octrooi in de context van de internationale concurrentie valt niet te ontkennen. Anderzijds zijn er erg grote nadelen verbonden aan octrooien. We verwachten een positief effect van octrooien, maar dit kan noch worden aangetoond noch worden ontkracht. Zeker gezien dit feit denk ik dat we primair de innovatie die bedreigd wordt, open source software, moeten beschermen. Niet per se door het octrooi op software af te schaffen, maar wel door ontwikkelaars te vrijwaren van juridische problemen als ze hun innovatie publiek maken. Daarnaast moeten we uiteraard afleren te meten als we nog niet weten.

Arjan Widlak is hoofdredacteur van Politiek-digitaal.nl